maandag 25 april 2011

Trauma door Rebecca







‘Het wordt tijd om een beha te gaan kopen’ zei mijn moeder. Ik was 14 en wist dat dit moment er aan zat te komen omdat tijdens de gymnastieklessen de boel aardig mee hopste onder mijn trui. Leuk vond ik het niet. Nu kon ik helemaal geen jongensdingen meer doen met mijn broers. Er werd een tijdperk afgesloten.

Op een druilerige woensdagmiddag slofte ik, in die voor pubers zo typisch onwillige houding, achter mijn moeder aan. We zouden naar Hunkemöller Lexis (zoals Hunkemöller vroeger voluit heette) gaan op de Fred in Den Haag. In de winkel stond een mevrouw met een enorme voorgevel en een meetlint om haar nek ons op te wachten.
Mijn moeder wees naar mij en zei dat ik een beha nodig had. “Dat zie ik ja’ zei de mevrouw met het meetlint zuinigjes, nadat ze een blik op mijn borsten had geworpen. Ik voelde me enorm bekeken, had het gevoel dat mijn borstomvang in een paar seconden een halve meter was toegenomen en werd nog chagrijniger dan ik al was.

‘We gaan eerst maar eens kijken welke maat het gaat worden’ zei het meetlint. Ik moest mijn jas uitdoen en in de volle winkel werd mijn omvang opgemeten. De uitslag was maat 70A. De mevrouw zocht wat beha’s bij elkaar, duwde die mij in mijn handen en verwees me naar het pashokje achter in de winkel. Mijn moeder nam keurig plaats op het tuttig krullerige stoeltje voor het pashok. Ze wist dat ik sinds een jaar verschrikkelijk preuts was geworden. Zelfs als ik mijn tanden ging poetsen deed ik de badkamerdeur op slot.





Ik droeg die dag een prachtige jurk die mijn vader voor me had meegenomen uit Afghanistan. Wat ik me niet had gerealiseerd was dat zo’n jurk heel onhandig is als je beha’s gaat passen. Na wat gepruts hing ik de jurk aan een haakje en stond ongelukkig in mijn onderbroek voor de spiegel. De beha’s lagen op een hoopje op een stoel. Het waren van die vreselijke, voorgevormde modellen. Ik zuchtte diep en pakte er een om te passen.
Een paar weken daarvoor had ik een verhaal gelezen van Simon Carmiggelt over een vrouw die haar 2 zoontjes in de tuin had betrapt met ieder een cup van haar beha op hun hoofd terwijl ze speelden dat ze astronaut waren. Hierdoor geïnspireerd zette ik ook een cup van de pasbeha op mijn hoofd. Het zag er wel feestelijk uit. Een klein, wit clownshoedje. Ik begon gekke bekken naar mezelf te trekken in de spiegel. Maakte lange neuzen, stak mijn tong uit en duwde mijn tanden naar voren zodat ik er uit zag als een konijn. Terwijl ik bezig was mijn konijnimitatie te perfectioneren werd het gordijn van het pashokje ineens woest opzij getrokken. ‘En, hoe gaat het hier?’ hoorde ik. Ik verstijfde.

Vanuit de spiegel kon ik het tableau vivant achter mij zien. Mijn moeder op het stoeltje die met een knalrood hoofd naar de neuzen van haar schoenen keek en enorme moeite moest doen niet in lachen uit te barsten. Een verbaasde mevrouw met een stapel beha’s over haar arm. En het meetlint dat vol verbijstering keek naar de beha op mijn hoofd.

Sindsdien pas ik mijn beha’s thuis.




2 opmerkingen:

  1. Gelukkig hebben die verkoopsters het afgeleerd de gordijntjes ongevraagd open te schuiven. Ik kan me dat ook nog goed herinneren, vooral mijn moeder leed daar zwaar onder, het arme mens.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Voor mij is vooral dit herkenbaar: "Nu kon ik helemaal geen jongensdingen meer doen"
    Vréselijk vond ik het, dat ik toch echt een meisje was. Inmiddels heb ik me er gelukkig helemaal mee verzoend haha.

    BeantwoordenVerwijderen